De familie Movisyan woont in Geghakert. Het dorp ligt in de provincie Armavir die aan de hoofdstad grenst. Geghakert is een middelgroot dorp en heeft 2800 bewoners. De voornaamste inkomstenbron van de bewoners is landbouw. Geghakert is er heel bekend om en er wordt hier veel gedaan aan aardbeienteelt. Het zonnige klimaat is een groot voordeel en de oogst is altijd lekker. Eens per jaar of zelfs twee per jaar worden de aardbeien geoogst.

Vanuit het dorp is de berg Ararat goed te bezichtigen. Het uitzicht is magnifiek. Geghakert heeft een school, een medisch centrum, een cultuurhuis, een kleuterschool en een sportschool.

Abraham is drie jaar en is van karakter een rustig kindje. Hij brengt zijn dagen thuis door en speelt graag met zijn speelautootjes. Zijn moeder past goed op hem; ze maakt eten en wast zijn kleren. Abraham spreekt al duidelijk en gaat graag om met andere kinderen. Maar hij heeft nog geen echt speelvriendje. Hij zou graag naar de kleuterschool gaan maar vanwege de verspreiding van het coronavirus is de kleuterschool nu dicht. Als hij naar de kleuterschool kan gaan, dan kan hij zeker veel nieuwe vriendjes krijgen en nieuwe spelletjes leren.

Het gezin van Abraham bestaat uit zijn ouders, zijn grootouders en twee kinderen; Abraham en Tamara. Zijn moeder Irina is 31 jaar oud. Na de middelbare school heeft ze geen opleiding gevolgd en heeft ze niet gewerkt. Ze verzorgt de kinderen. De kinderen zijn nog klein en hebben haar aandacht en verzorging nodig. De vader Nver is 35 jaar oud. Ook hij heeft geen opleiding gevolgd. Nadat hij getrouwd is, doet hij alles wat hij kan doen om voor de kinderen te zorgen. Dichtbij het dorp is een tankstation. Hij werkt daar als verkoper en krijgt als loon 67000 dram per maand (105,- Euro). De oma Tamara is 55 jaar oud. Ze zorgt voor het huishouden en kweekt in de tuin aardbeien en groente. Datzelfde doet ook de opa van Abraham. Hij heet ook Abraham en is 58 jaar oud. Op dit moment woont de 83-jarige overgrootmoeder Loesik ook bij het gezin omdat ze gezondheidsproblemen heeft. De familie zorgt ook voor haar.

In dit gezin groeien twee kinderen op. Abraham die drie jaar oud is en zijn pasgeboren zusje Tamara die 3 maanden oud is. Abraham heeft de naam van zijn grootvader gekregen. Zijn zusje heeft op haar beurt de naam van haar grootmoeder gekregen. Het is traditie in Armenië om kinderen naar hun grootouders te vernoemen. Beide kinderen genieten altijd van de aandacht en de liefde van de ouders. Beide kinderen zijn rustig van karakter en gezond.

Het gezin Movisyan heeft moeite om te zorgen voor kleding, eten en verwarming. Het salaris van vader Nver is niet voldoende om alle kosten te betalen. Dat is ook het enige inkomen van het gezin. Door op het land te werken, oogst het gezin nog groente. Hoewel het weinig is verkopen ze daar ook een deel van om er geld mee te verdienen. De grootmoeder Tamara heeft een ernstige vorm van struma, een ongeneeslijke ziekte. Toen deze ziekte vastgesteld werd, kreeg ze tijdelijk ziektepensioen (18000 dram per maand). Ze gebruikt hiervoor medicijnen. Toen ze opnieuw onderzocht werd, hadden de medicijnen een positief effect gehad en daarom werd haar ziektepensioen afgeschaft. En toch moet ze dezelfde dure medicijnen blijven gebruiken anders voelt ze zich niet goed.

We zijn van plan om Abraham Movisyan  in het project childsponsoring in te schrijven. Als gevolg hiervan ontvangt hij maandelijkse voedingspakketten. Hij kan gratis naar de kinderarts, tandarts, psycholoog en logopedist gaan. Indien nodig krijgt hij schoolspullen, kleding en kan hij deelnemen aan zomercamping.